Vreemde Taal: da Mijn Taal: daar Vreemde Taal: Dorf Mijn Taal: dorp Vreemde Taal: ein Mijn Taal: Een Vreemde Taal: ein Mijn Taal: een Vreemde Taal: In Mijn Taal: In Vreemde Taal: in Neukaledonien Mijn Taal: in Nieuw-Caledonië Vreemde Taal: kleinen Mijn Taal: klein Vreemde Taal: Unruhe Mijn Taal: onrust Vreemde Taal: war Mijn Taal: was Vreemde Taal: ängstlich Mijn Taal: bang Vreemde Taal: ängstlich Mijn Taal: bezorgd Vreemde Taal: besorgt Mijn Taal: bezorgd Vreemde Taal: Die Mijn Taal: De
Vreemde Taal: Leute Mijn Taal: mensen Vreemde Taal: und Mijn Taal: en Vreemde Taal: waren Mijn Taal: waren Vreemde Taal: das Mijn Taal: — Vreemde Taal: Eine Mijn Taal: Een Vreemde Taal: Familie Mijn Taal: familie Vreemde Taal: Familie Mijn Taal: familie Vreemde Taal: Familie Mijn Taal: familie Vreemde Taal: Familie Mijn Taal: Familie Vreemde Taal: im Mijn Taal: bij Vreemde Taal: lebte Mijn Taal: leefde Vreemde Taal: helfen Mijn Taal: helpen Vreemde Taal: ihre Mijn Taal: hun
Vreemde Taal: Nachbarn Mijn Taal: buren Vreemde Taal: Nachbarn Mijn Taal: Buren Vreemde Taal: Sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: Sie Mijn Taal: Zij Vreemde Taal: wollten Mijn Taal: wilde Vreemde Taal: blieb Mijn Taal: bleef Vreemde Taal: in Mijn Taal: in Vreemde Taal: in Mijn Taal: in Vreemde Taal: half Mijn Taal: geholpen Vreemde Taal: Meetings Mijn Taal: vergaderingen Vreemde Taal: organisieren Mijn Taal: organiseren Vreemde Taal: organisieren Mijn Taal: organiseren Vreemde Taal: kamen
Mijn Taal: kwam Vreemde Taal: Menschen Mijn Taal: mensen Vreemde Taal: Menschen Mijn Taal: Mensen Vreemde Taal: Menschen Mijn Taal: bevolken Vreemde Taal: Viele Mijn Taal: Veel Vreemde Taal: zu den Besprechungen Mijn Taal: naar de vergaderingen Vreemde Taal: besser Mijn Taal: betere Vreemde Taal: Hilfe Mijn Taal: helpen Vreemde Taal: mit Mijn Taal: met Vreemde Taal: Situation Mijn Taal: situatie Vreemde Taal: wurde Mijn Taal: Werd Vreemde Taal: glücklich Mijn Taal: blije
Vreemde Taal: Veränderung Mijn Taal: verandering Vreemde Taal: zu sehen Mijn Taal: om te kijken Vreemde Taal: fortgesetzt Mijn Taal: voortgezet Vreemde Taal: zu arbeiten Mijn Taal: werken Vreemde Taal: zusammen Mijn Taal: samen Vreemde Taal: Das Mijn Taal: deze Vreemde Taal: eine Mijn Taal: Een Vreemde Taal: Gemeinschaft Mijn Taal: gemeenschap Vreemde Taal: stark Mijn Taal: sterk Vreemde Taal: stark Mijn Taal: sterk Vreemde Taal: einander Mijn Taal: iedere Vreemde Taal: einander
Mijn Taal: elkaar Vreemde Taal: einander Mijn Taal: elkaar Vreemde Taal: lernten Mijn Taal: leerden Vreemde Taal: zu unterstützen Mijn Taal: ondersteunen Vreemde Taal: Arbeit Mijn Taal: werk Vreemde Taal: Arbeit Mijn Taal: Werk Vreemde Taal: die Mijn Taal: die Vreemde Taal: Ende Mijn Taal: einde Vreemde Taal: Ende Mijn Taal: einde Vreemde Taal: Ende Mijn Taal: Einde Vreemde Taal: ihr Mijn Taal: haar Vreemde Taal: sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: sie
Mijn Taal: zij Vreemde Taal: stolz Mijn Taal: trots Vreemde Taal: von Mijn Taal: van Vreemde Taal: von Mijn Taal: door Vreemde Taal: berühmt Mijn Taal: beroemd Vreemde Taal: berühmt Mijn Taal: dat wordt gevierd Vreemde Taal: eine Mijn Taal: Een Vreemde Taal: ist Mijn Taal: is Vreemde Taal: Künstlerin Mijn Taal: uitvoerder Vreemde Taal: Lily Phillips Mijn Taal: Lily Phillips Vreemde Taal: erstaunlich Mijn Taal: verbazingwekkend Vreemde Taal: erstaunlich Mijn Taal: verbluffend
Vreemde Taal: erstaunlich Mijn Taal: opmerkelijk Vreemde Taal: gibt Mijn Taal: is Vreemde Taal: gibt Mijn Taal: geeft Vreemde Taal: in der Stadt Mijn Taal: in de stad Vreemde Taal: in der Stadt Mijn Taal: in de stad Vreemde Taal: in der Stadt Mijn Taal: in de stad Vreemde Taal: Sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: Sie Mijn Taal: Zij Vreemde Taal: Stunts Mijn Taal: stunts Vreemde Taal: Stunts Mijn Taal: stunts Vreemde Taal: Heute Mijn Taal: Vandaag Vreemde Taal: neu Mijn Taal: nieuw Vreemde Taal: sie
Mijn Taal: zij Vreemde Taal: sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: Tat Mijn Taal: handeling Vreemde Taal: tun Mijn Taal: doen Vreemde Taal: wird Mijn Taal: zullen Vreemde Taal: wird Mijn Taal: wordt Vreemde Taal: betrachten Mijn Taal: bekijken Vreemde Taal: die Leute Mijn Taal: de mensen Vreemde Taal: Die Leute Mijn Taal: Mensen Vreemde Taal: um zu beobachten Mijn Taal: kijken Vreemde Taal: versammeln Mijn Taal: zich verzamelen Vreemde Taal: versammeln
Mijn Taal: verzamelen Vreemde Taal: zusammen versammeln Mijn Taal: samenkomen Vreemde Taal: Fähigkeiten Mijn Taal: vaardigheden Vreemde Taal: ihr Mijn Taal: haar Vreemde Taal: sprechen Mijn Taal: praten Vreemde Taal: über Mijn Taal: over Vreemde Taal: über Mijn Taal: overheen Vreemde Taal: über Mijn Taal: gedurende Vreemde Taal: denken Mijn Taal: denken Vreemde Taal: Einige Mijn Taal: Sommige Vreemde Taal: es Mijn Taal: Het Vreemde Taal: es Mijn Taal: het Vreemde Taal: gefährlich
Mijn Taal: gevaarlijk Vreemde Taal: Andere Mijn Taal: Anderen Vreemde Taal: aufregend Mijn Taal: spannend Vreemde Taal: finden Mijn Taal: vinden Vreemde Taal: Spaß Mijn Taal: leuk Vreemde Taal: und Mijn Taal: en Vreemde Taal: beginnt Mijn Taal: begint Vreemde Taal: Darstellung Mijn Taal: handeling Vreemde Taal: Darstellung Mijn Taal: afbeelding Vreemde Taal: ihre Mijn Taal: hun Vreemde Taal: Lily Mijn Taal: Lily Vreemde Taal: mit Feuer Mijn Taal: met vuur Vreemde Taal: Die Mijn Taal: De
Vreemde Taal: jubelt Mijn Taal: proost Vreemde Taal: klatscht Mijn Taal: klappen Vreemde Taal: Menge Mijn Taal: De menigte Vreemde Taal: ihr Publikum Mijn Taal: bij haar publiek Vreemde Taal: lächelt Mijn Taal: glimlacht Vreemde Taal: Publikum Mijn Taal: publiek Vreemde Taal: die Aufführung Mijn Taal: de uitvoering Vreemde Taal: fühlt Mijn Taal: voelt Vreemde Taal: glücklich Mijn Taal: blije Vreemde Taal: nach Mijn Taal: naar Vreemde Taal: nach Mijn Taal: na Vreemde Taal: Fans Mijn Taal: fans
Vreemde Taal: Fans Mijn Taal: fans Vreemde Taal: liebt Mijn Taal: houdt van Vreemde Taal: unterhalten Mijn Taal: vermaak Vreemde Taal: unterhalten Mijn Taal: vermakelijk Vreemde Taal: ! Mijn Taal: !
Vreemde Taal: ein Mijn Taal: Een Vreemde Taal: ein Mijn Taal: een Vreemde Taal: Star Mijn Taal: ster Vreemde Taal: ein Mijn Taal: Een Vreemde Taal: ein Mijn Taal: een Vreemde Taal: Es Mijn Taal: Het Vreemde Taal: gelangweilt Mijn Taal: verveeld Vreemde Taal: Lily Mijn Taal: Lily Vreemde Taal: regnerisch Mijn Taal: regenachtig Vreemde Taal: Tag Mijn Taal: dag Vreemde Taal: Tag Mijn Taal: Dag Vreemde Taal: und Mijn Taal: en Vreemde Taal: war Mijn Taal: was Vreemde Taal: zu Hause Mijn Taal: thuis
Vreemde Taal: die Mijn Taal: die Vreemde Taal: etwas Mijn Taal: iets Vreemde Taal: etwas zu tun Mijn Taal: iets te doen Vreemde Taal: für Mijn Taal: voor Vreemde Taal: Haus Mijn Taal: huis Vreemde Taal: Haus Mijn Taal: Huis Vreemde Taal: herum Mijn Taal: rond Vreemde Taal: schaute Mijn Taal: keek Vreemde Taal: Sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: Sie Mijn Taal: Zij Vreemde Taal: um das Haus Mijn Taal: rond het huis Vreemde Taal: zu tun Mijn Taal: doen Vreemde Taal: zu tun Mijn Taal: doen
Vreemde Taal: auf Mijn Taal: op Vreemde Taal: auf Mijn Taal: op Vreemde Taal: der/die/das Mijn Taal: — Vreemde Taal: ihr Mijn Taal: haar Vreemde Taal: Kunst Mijn Taal: kunst Vreemde Taal: Kunst Mijn Taal: Kunst Vreemde Taal: Materialien Mijn Taal: voorraden Vreemde Taal: Materialien Mijn Taal: materialen Vreemde Taal: Plötzlich Mijn Taal: Opeens Vreemde Taal: sah Mijn Taal: keek Vreemde Taal: sah Mijn Taal: Zag Vreemde Taal: sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: sie
Mijn Taal: zij Vreemde Taal: Tisch Mijn Taal: tafel Vreemde Taal: aufgenommen Mijn Taal: opgenomen Vreemde Taal: einen Mijn Taal: Een Vreemde Taal: einige Mijn Taal: enkele Vreemde Taal: Farben Mijn Taal: verf Vreemde Taal: Farben Mijn Taal: kleuren Vreemde Taal: Farben Mijn Taal: kleuren Vreemde Taal: Farben Mijn Taal: Kleuren Vreemde Taal: Pinsel Mijn Taal: kwast Vreemde Taal: beschloss Mijn Taal: besloot Vreemde Taal: Bild Mijn Taal: afbeelding Vreemde Taal: Katze Mijn Taal: kat
Vreemde Taal: von Mijn Taal: van Vreemde Taal: von Mijn Taal: door Vreemde Taal: zu malen Mijn Taal: verven Vreemde Taal: fühlte Mijn Taal: voelde Vreemde Taal: glücklich Mijn Taal: blije Vreemde Taal: malte Mijn Taal: verfde Vreemde Taal: sehr Mijn Taal: heel erg Vreemde Taal: Während Mijn Taal: Als Vreemde Taal: Während Mijn Taal: Terwijl Vreemde Taal: Die Mijn Taal: De Vreemde Taal: eine Leinwand Mijn Taal: een doek Vreemde Taal: gemischt Mijn Taal: gemengd Vreemde Taal: gut Mijn Taal: goed
Vreemde Taal: gut Mijn Taal: goed Vreemde Taal: Leinwand Mijn Taal: canvas Vreemde Taal: zusammen Mijn Taal: samen Vreemde Taal: fertiggestellt Mijn Taal: voltooide Vreemde Taal: Gemälde Mijn Taal: schilderijen Vreemde Taal: Nach Mijn Taal: Na Vreemde Taal: Zeit Mijn Taal: tijd Vreemde Taal: Zeit Mijn Taal: Tijd Vreemde Taal: an Mijn Taal: bij Vreemde Taal: es Mijn Taal: Het Vreemde Taal: es Mijn Taal: het Vreemde Taal: Freude Mijn Taal: vreugde Vreemde Taal: mit Mijn Taal: met
Vreemde Taal: Stolz Mijn Taal: trots Vreemde Taal: dass Mijn Taal: dat Vreemde Taal: erkannte Mijn Taal: verwezenlijkt Vreemde Taal: Hobby Mijn Taal: hobby Vreemde Taal: Lieblings- Mijn Taal: favoriet Vreemde Taal: Malen Mijn Taal: schilderij Vreemde Taal: als es regnete Mijn Taal: toen het regende Vreemde Taal: der Tag Mijn Taal: de dag Vreemde Taal: einen Tag Mijn Taal: een dag Vreemde Taal: im Park Mijn Taal: in het park Vreemde Taal: im Park Mijn Taal: in het park Vreemde Taal: im Park
Mijn Taal: in het park Vreemde Taal: im Park Mijn Taal: In het park Vreemde Taal: regnete Mijn Taal: regende Vreemde Taal: Tag an Mijn Taal: dag op Vreemde Taal: Von Mijn Taal: Van Vreemde Taal: wann immer Mijn Taal: telkens wanneer Vreemde Taal: wenn es regnete Mijn Taal: wanneer het ook regende Vreemde Taal: Aufregung Mijn Taal: opwinding Vreemde Taal: Bayram Mijn Taal: Bajram Vreemde Taal: Bayram Mijn Taal: bayram Vreemde Taal: die Mijn Taal: die Vreemde Taal: Familie Mijn Taal: familie
Vreemde Taal: Familie Mijn Taal: familie Vreemde Taal: Familie Mijn Taal: familie Vreemde Taal: Familie Mijn Taal: Familie Vreemde Taal: gesamte Mijn Taal: hele Vreemde Taal: mit Mijn Taal: met Vreemde Taal: nahe Mijn Taal: kwam dichterbij Vreemde Taal: war Mijn Taal: was Vreemde Taal: war geschäftig Mijn Taal: was druk in de weer van Vreemde Taal: beschäftigt Mijn Taal: druk Vreemde Taal: das Haus dekorieren Mijn Taal: het huis versieren Vreemde Taal: das Haus putzen
Mijn Taal: het huis schoonmaken Vreemde Taal: das Haus putzen und es dekorieren Mijn Taal: het huis schoonmaken en het versieren Vreemde Taal: das Haus putzen und es dekorieren für den Anlass Mijn Taal: het huis schoonmaken en versieren voor de gelegenheid Vreemde Taal: Dekorieren Mijn Taal: decoratie Vreemde Taal: der Anlass Mijn Taal: gelegenheid Vreemde Taal: es Mijn Taal: Het Vreemde Taal: es Mijn Taal: het Vreemde Taal: es für den Anlass Mijn Taal: het voor de gelegenheid Vreemde Taal: für
Mijn Taal: voor Vreemde Taal: Haus Mijn Taal: huis Vreemde Taal: Haus Mijn Taal: Huis Vreemde Taal: Jeder Mijn Taal: Iedereen Vreemde Taal: Jeder Mijn Taal: Elk Vreemde Taal: jeder war beschäftigt Mijn Taal: iedereen was druk Vreemde Taal: reinigen Mijn Taal: schoonmaken Vreemde Taal: und Mijn Taal: en Vreemde Taal: als Mijn Taal: Terwijl Vreemde Taal: als Mijn Taal: dan Vreemde Taal: als Mijn Taal: als (deel van uitdrukking) Vreemde Taal: Düfte Mijn Taal: Geuren Vreemde Taal: erfüllte
Mijn Taal: gevuld Vreemde Taal: Köstlich Mijn Taal: Heerlijk Vreemde Taal: Luft Mijn Taal: lucht Vreemde Taal: traditionelle Gerichte Mijn Taal: traditionele gerechten Vreemde Taal: wurden vorbereitet Mijn Taal: werden bereid Vreemde Taal: anziehen Mijn Taal: pasten Vreemde Taal: anziehen Mijn Taal: aantrekken Vreemde Taal: anziehen Mijn Taal: aantrekken Vreemde Taal: eifrig Mijn Taal: gretig Vreemde Taal: eifrig Mijn Taal: gretig Vreemde Taal: feiern Mijn Taal: vieren Vreemde Taal: feiern
Mijn Taal: vier Vreemde Taal: kichern Mijn Taal: giechelden Vreemde Taal: Kinder Mijn Taal: Kinderen Vreemde Taal: Kinder Mijn Taal: kinderen Vreemde Taal: Kinder Mijn Taal: kinderen Vreemde Taal: Kleidung Mijn Taal: kleding Vreemde Taal: neu Mijn Taal: nieuw Vreemde Taal: sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: Am Vorabend Mijn Taal: Op de avond Vreemde Taal: die Familie Mijn Taal: de familie Vreemde Taal: ein besonderes Abendessen
Mijn Taal: een speciaal diner Vreemde Taal: versammelten Mijn Taal: verzamelde Vreemde Taal: von Mijn Taal: van Vreemde Taal: von Mijn Taal: door Vreemde Taal: aus der Vergangenheit Mijn Taal: uit het verleden Vreemde Taal: der Raum Mijn Taal: de kamer Vreemde Taal: füllte Mijn Taal: gevuld Vreemde Taal: Geschichten Mijn Taal: verhalen Vreemde Taal: Lachen Mijn Taal: Lachen Vreemde Taal: Lachen Mijn Taal: lachen Vreemde Taal: wurden geteilt Mijn Taal: werden gedeeld Vreemde Taal: alle
Mijn Taal: allen Vreemde Taal: das Abendessen Mijn Taal: het diner Vreemde Taal: der Morgen Mijn Taal: de ochtend Vreemde Taal: Einmal Mijn Taal: Eens Vreemde Taal: war beendet Mijn Taal: was voorbij Vreemde Taal: wartete Mijn Taal: verwacht Vreemde Taal: brach Mijn Taal: aanbrak Vreemde Taal: Dämmerung Mijn Taal: dageraad Vreemde Taal: in der Familie Mijn Taal: in de familie Vreemde Taal: jedes Herz Mijn Taal: elk hart Vreemde Taal: Wie Mijn Taal: Als Vreemde Taal: ihre besten Outfits
Mijn Taal: hun beste outfits Vreemde Taal: Sie Mijn Taal: zij Vreemde Taal: Sie Mijn Taal: Zij Vreemde Taal: tauschten aus Mijn Taal: gewisseld Vreemde Taal: warme Wünsche Mijn Taal: warme wensen Vreemde Taal: zogen an Mijn Taal: aangetrokken Vreemde Taal: hinzufügen Mijn Taal: toevoegen Vreemde Taal: in der Feier Mijn Taal: in de viering Vreemde Taal: Nachbarn Mijn Taal: buren Vreemde Taal: Nachbarn Mijn Taal: Buren Vreemde Taal: schlossen sich an Mijn Taal: gedeeld
Vreemde Taal: zur Freude des Tages Mijn Taal: tot vreugde van de dag Vreemde Taal: der Familie Mijn Taal: van familie Vreemde Taal: die Bedeutung Mijn Taal: belang Vreemde Taal: erinnern Mijn Taal: onthouden Vreemde Taal: Essen Mijn Taal: eten Vreemde Taal: Essen Mijn Taal: Voedsel Vreemde Taal: teilten Mijn Taal: gedeeld Vreemde Taal: Traditionen Mijn Taal: tradities Vreemde Taal: Traditionen Mijn Taal: Tradities Vreemde Taal: aber Mijn Taal: maar Vreemde Taal: die Erinnerungen
Mijn Taal: de herinneringen Vreemde Taal: ein Leben lang Mijn Taal: een leven Vreemde Taal: geschaffen Mijn Taal: gecreëerd Vreemde Taal: kam zu einem Ende Mijn Taal: kwam ten einde Vreemde Taal: würden dauern Mijn Taal: zullen duren Vreemde Taal: gestiegen Mijn Taal: steeg Vreemde Taal: hat Mijn Taal: heeft Vreemde Taal: In Mijn Taal: In Vreemde Taal: Jahre Mijn Taal: jaren Vreemde Taal: Nationen Mijn Taal: naties Vreemde Taal: Nationen Mijn Taal: naties Vreemde Taal: neu Mijn Taal: nieuw
Vreemde Taal: Populismus Mijn Taal: populisme Vreemde Taal: Populismus Mijn Taal: populisme Vreemde Taal: über Mijn Taal: over Vreemde Taal: über Mijn Taal: overheen Vreemde Taal: über Mijn Taal: gedurende Vreemde Taal: verschiedene Mijn Taal: verschillende Vreemde Taal: Dieser Mijn Taal: deze Vreemde Taal: eine Mijn Taal: Een Vreemde Taal: Eliten Mijn Taal: elites Vreemde Taal: mit Mijn Taal: met Vreemde Taal: politisch Mijn Taal: politiek Vreemde Taal: spiegelt wider Mijn Taal: weerspiegelt
Vreemde Taal: tief Mijn Taal: diepe Vreemde Taal: tief Mijn Taal: diep Vreemde Taal: traditionell Mijn Taal: traditioneel Vreemde Taal: Trend Mijn Taal: trend Vreemde Taal: Unzufriedenheit Mijn Taal: ontevredenheid Vreemde Taal: auf Mijn Taal: op Vreemde Taal: auf Mijn Taal: op Vreemde Taal: Bürger Mijn Taal: burgers Vreemde Taal: die Mijn Taal: die Vreemde Taal: Frustrationen Mijn Taal: frustraties Vreemde Taal: gewöhnlich Mijn Taal: gewone Vreemde Taal: nutzt Mijn Taal: benut Vreemde Taal: von
Mijn Taal: van Vreemde Taal: von Mijn Taal: door Vreemde Taal: ansprechen Mijn Taal: aanpakken Vreemde Taal: ansprechen Mijn Taal: aanpakken Vreemde Taal: Beschwerden Mijn Taal: klachten Vreemde Taal: diese Mijn Taal: deze Vreemde Taal: diese Mijn Taal: deze Vreemde Taal: Diese Mijn Taal: Dit Vreemde Taal: Dynamik Mijn Taal: dynamiek Vreemde Taal: ermächtigt Mijn Taal: machtigt Vreemde Taal: Führer Mijn Taal: leiders Vreemde Taal: versprechen Mijn Taal: beloven Vreemde Taal: zu Mijn Taal: naar
Vreemde Taal: zu Mijn Taal: ook Vreemde Taal: zu Mijn Taal: richting Vreemde Taal: bleiben Mijn Taal: blijven Vreemde Taal: bleiben Mijn Taal: blijven Vreemde Taal: bleiben Mijn Taal: blijven Vreemde Taal: häufig Mijn Taal: vaak Vreemde Taal: häufig Mijn Taal: vaak Vreemde Taal: Jedoch Mijn Taal: Echter Vreemde Taal: solche Mijn Taal: zulke Vreemde Taal: unerfüllt Mijn Taal: onvervuld Vreemde Taal: Versprechen Mijn Taal: belooft Vreemde Taal: eine Lücke Mijn Taal: een gat
Vreemde Taal: Erwartungen Mijn Taal: verwachtingen Vreemde Taal: fördert Mijn Taal: bevordert Vreemde Taal: fördert Mijn Taal: bevordert Vreemde Taal: Lücke Mijn Taal: kloof Vreemde Taal: Realität Mijn Taal: realiteit Vreemde Taal: und Mijn Taal: en Vreemde Taal: zwischen Mijn Taal: tussen Vreemde Taal: Zynismus Mijn Taal: cynisme Vreemde Taal: das Vertrauen Mijn Taal: het vertrouwen Vreemde Taal: demokratisch Mijn Taal: democratisch Vreemde Taal: eine demokratische Institution
Mijn Taal: een democratische instelling Vreemde Taal: Folglich Mijn Taal: Bijgevolg Vreemde Taal: in Mijn Taal: in Vreemde Taal: in Mijn Taal: in Vreemde Taal: Institutionen Mijn Taal: instellingen Vreemde Taal: nimmt ab Mijn Taal: vermindert Vreemde Taal: Vertrauen Mijn Taal: vertrouwen Vreemde Taal: ausnutzen Mijn Taal: uitbuiten Vreemde Taal: ausnutzen Mijn Taal: profiteren van Vreemde Taal: ausnutzen Mijn Taal: uitbuiten Vreemde Taal: Bewegungen Mijn Taal: bewegingen
Vreemde Taal: Botschaften Mijn Taal: berichten Vreemde Taal: Darüber hinaus Mijn Taal: Bovendien Vreemde Taal: ihr Mijn Taal: haar Vreemde Taal: Medien Mijn Taal: media Vreemde Taal: Medien Mijn Taal: Media Vreemde Taal: populistisch Mijn Taal: populist Vreemde Taal: sozial Mijn Taal: sociaal Vreemde Taal: verstärken Mijn Taal: versterken Vreemde Taal: Der Mijn Taal: De Vreemde Taal: Fehlinformation Mijn Taal: desinformatie Vreemde Taal: kompliziert Mijn Taal: ingewikkeld
Vreemde Taal: kompliziert Mijn Taal: compliceert Vreemde Taal: Landschaft Mijn Taal: landschap Vreemde Taal: Landschaft Mijn Taal: landschap Vreemde Taal: schnell Mijn Taal: snel Vreemde Taal: schnell Mijn Taal: snel Vreemde Taal: schnell Mijn Taal: rap Vreemde Taal: schnell Mijn Taal: snel Vreemde Taal: Verbreitung Mijn Taal: verspreid Vreemde Taal: weiter Mijn Taal: verder Vreemde Taal: Als Mijn Taal: Terwijl Vreemde Taal: Appell Mijn Taal: aantrekkingskracht Vreemde Taal: bestehen bleiben
Mijn Taal: aanhouden Vreemde Taal: desillusioniert Mijn Taal: teleurgesteld Vreemde Taal: kann Mijn Taal: kan Vreemde Taal: Wähler Mijn Taal: kiezers Vreemde Taal: werden Mijn Taal: zullen Vreemde Taal: werden Mijn Taal: worden Vreemde Taal: werden Mijn Taal: wordend Vreemde Taal: werden Mijn Taal: worden Vreemde Taal: werden Mijn Taal: worden Vreemde Taal: Glauben Mijn Taal: geloof Vreemde Taal: Herausforderung Mijn Taal: uitdaging Vreemde Taal: Letztendlich Mijn Taal: Uiteindelijk
Vreemde Taal: liegt Mijn Taal: liegt Vreemde Taal: Regierung Mijn Taal: bestuur Vreemde Taal: Regierung Mijn Taal: regering Vreemde Taal: Wiederherstellung Mijn Taal: herstellen Vreemde Taal: an Mijn Taal: bij Vreemde Taal: das Gewicht seines nächsten Schrittes Mijn Taal: de zwaartekracht van zijn volgende zet Vreemde Taal: die Mijn Taal: die Vreemde Taal: die Kreuzung seiner Karriere Mijn Taal: de kruispunten van zijn carrière Vreemde Taal: die Schwere Mijn Taal: de zwaartekracht
Vreemde Taal: eine Karriere Mijn Taal: een carrière Vreemde Taal: Karriere Mijn Taal: Carrière Vreemde Taal: Kreuzung Mijn Taal: kruispunt Vreemde Taal: Kreuzung Mijn Taal: Kruispunt Vreemde Taal: nachdenkend Mijn Taal: overpeinzen Vreemde Taal: nächster Mijn Taal: volgend Vreemde Taal: nächster Schritt Mijn Taal: volgende zet Vreemde Taal: Schritt Mijn Taal: zet Vreemde Taal: Schritt Mijn Taal: stap Vreemde Taal: Schwere Mijn Taal: zwaartekracht Vreemde Taal: sein Mijn Taal: zijn
Vreemde Taal: sein Mijn Taal: zijn Vreemde Taal: Seong-ho Mijn Taal: Seong-ho Vreemde Taal: stand Mijn Taal: stond Vreemde Taal: von Mijn Taal: van Vreemde Taal: von Mijn Taal: door Vreemde Taal: als Mijn Taal: Terwijl Vreemde Taal: als Mijn Taal: dan Vreemde Taal: als Mijn Taal: als (deel van uitdrukking) Vreemde Taal: Der Mijn Taal: De Vreemde Taal: Druck Mijn Taal: Druk Vreemde Taal: Druck Mijn Taal: druk Vreemde Taal: durch Mijn Taal: door Vreemde Taal: Flüstern Mijn Taal: fluisteringen
Vreemde Taal: hallten Mijn Taal: weergalmd Vreemde Taal: Raum Mijn Taal: kamer Vreemde Taal: Raum Mijn Taal: Kamer Vreemde Taal: Schrank Mijn Taal: kluis Vreemde Taal: spürbar Mijn Taal: voelbaar Vreemde Taal: war Mijn Taal: was Vreemde Taal: Zweifel Mijn Taal: twijfels Vreemde Taal: Atmosphäre Mijn Taal: atmosfeer Vreemde Taal: einmal Mijn Taal: een tijd Vreemde Taal: einmal Mijn Taal: eens Vreemde Taal: eisig Mijn Taal: ijzige Vreemde Taal: entfernt Mijn Taal: ver Vreemde Taal: Fremde
Mijn Taal: vreemden Vreemde Taal: in Mijn Taal: in Vreemde Taal: in Mijn Taal: in Vreemde Taal: jetzt Mijn Taal: nu Vreemde Taal: Kollegen Mijn Taal: peers Vreemde Taal: schien Mijn Taal: scheen Vreemde Taal: Sein Mijn Taal: Zijn Vreemde Taal: seine Mijn Taal: zijn Vreemde Taal: Verbündete Mijn Taal: bondgenoten Vreemde Taal: wie Mijn Taal: hoe Vreemde Taal: wie Mijn Taal: zoals Vreemde Taal: Entscheidungen Mijn Taal: keuzes Vreemde Taal: Entscheidungen Mijn Taal: Beslissingen Vreemde Taal: Er
Mijn Taal: Hij Vreemde Taal: grübelnd Mijn Taal: peinzen Vreemde Taal: ihm Mijn Taal: hem Vreemde Taal: kämpfte Mijn Taal: gevochten Vreemde Taal: lag Mijn Taal: leggen Vreemde Taal: mit Mijn Taal: met Vreemde Taal: Selbstzweifel Mijn Taal: zelftwijfel Vreemde Taal: über Mijn Taal: over Vreemde Taal: über Mijn Taal: overheen Vreemde Taal: über Mijn Taal: gedurende Vreemde Taal: unzählige Mijn Taal: Ontelbaar Vreemde Taal: vor Mijn Taal: voorafgaand aan Vreemde Taal: Arbeit Mijn Taal: werk
Vreemde Taal: Arbeit Mijn Taal: Werk Vreemde Taal: der/die/das Mijn Taal: — Vreemde Taal: er Mijn Taal: hij Vreemde Taal: falsch Mijn Taal: verkeerd Vreemde Taal: gefährdend Mijn Taal: in gevaar brengen Vreemde Taal: hart Mijn Taal: hard Vreemde Taal: Hingabe Mijn Taal: toewijding Vreemde Taal: Jahre Mijn Taal: jaren Vreemde Taal: und Mijn Taal: en Vreemde Taal: wählte Mijn Taal: koos Vreemde Taal: Was Mijn Taal: Wat Vreemde Taal: Weg Mijn Taal: weg Vreemde Taal: Weg Mijn Taal: manier
Vreemde Taal: wenn Mijn Taal: als Vreemde Taal: Doch Mijn Taal: Toch Vreemde Taal: ein Mijn Taal: Een Vreemde Taal: ein Mijn Taal: een Vreemde Taal: Entschluss Mijn Taal: oplossen Vreemde Taal: entzündet Mijn Taal: aangewakkerd Vreemde Taal: Funkeln Mijn Taal: flikkeren Vreemde Taal: innerhalb Mijn Taal: binnen Vreemde Taal: mitten in Mijn Taal: te midden van Vreemde Taal: Ungewissheit Mijn Taal: Onzekerheid Vreemde Taal: wirbelnd Mijn Taal: wirbelend Vreemde Taal: betrachtet
Mijn Taal: beschouwd Vreemde Taal: bevor Mijn Taal: voordat Vreemde Taal: dämmerte Mijn Taal: ontstond Vreemde Taal: das Mijn Taal: — Vreemde Taal: entscheidend Mijn Taal: cruciale Vreemde Taal: entscheidend Mijn Taal: cruciaal Vreemde Taal: hatte Mijn Taal: had Vreemde Taal: In Mijn Taal: In Vreemde Taal: Klarheit Mijn Taal: helderheid Vreemde Taal: Möglichkeiten Mijn Taal: mogelijkheden Vreemde Taal: Moment Mijn Taal: moment Vreemde Taal: offenbarend Mijn Taal: onthullend Vreemde Taal: selten
Mijn Taal: schaars Vreemde Taal: der Mijn Taal: — Vreemde Taal: eine Mijn Taal: Een Vreemde Taal: Entschlossenheit Mijn Taal: vastberadenheid Vreemde Taal: Leidenschaft Mijn Taal: passie Vreemde Taal: Mit Mijn Taal: Met Vreemde Taal: neu gewonnene Mijn Taal: nieuwgevonden Vreemde Taal: seine Leidenschaft unverfroren verfolgen Mijn Taal: zijn passie onbeschaamd volgen Vreemde Taal: umarmte Mijn Taal: omarmd Vreemde Taal: unverfroren Mijn Taal: zonder schaamte Vreemde Taal: unzählige Möglichkeiten
Mijn Taal: ontelbare kansen Vreemde Taal: verfolgen Mijn Taal: achtervolgen Vreemde Taal: wählend Mijn Taal: kiezen Vreemde Taal: zu Mijn Taal: naar Vreemde Taal: zu Mijn Taal: ook Vreemde Taal: zu Mijn Taal: richting
