EP029: Het weekend! - podcast episode cover

EP029: Het weekend!

Jan 29, 20263 minEp. 29
--:--
--:--
Download Metacast podcast app
Listen to this episode in Metacast mobile app
Don't just listen to podcasts. Learn from them with transcripts, summaries, and chapters for every episode. Skim, search, and bookmark insights. Learn more

Episode description

In this A1 Dutch lesson called "Het weekend!", Lisa and Maarten discuss daily routine. You'll pick up words like het weekend, uitslapen, de markt. Perfect for daily listening practice.

Today's grammar point is reflexive verbs, separable verbs. Along the way, discover dutch work-life balance and how it shapes everyday Dutch.

Vocabulary:

  • het het weekend — the weekend
  • uitslapen — to sleep in
  • de de markt — the market
  • de boodschappen — groceries
  • schoonmaken — to clean
  • wandelen — to walk/hike

Great for inburgering exam prep, Dutch language learners, or anyone who wants to understand spoken Dutch. New lessons every day!

Need inburgering prep? Free resources at inburgeringprep.com

Listen on other platforms:
🎵 Spotify
📺 YouTube
🍎 Apple Podcasts

Transcript

Lisa: Hoi Maarten! Klaar voor het weekend?
Hi Maarten! Ready for the weekend?

Maarten: Hoi Lisa. Zeker. Ik ben moe.
Hi Lisa. Definitely. I'm tired.

Lisa: Ik ook! Echt niet normaal. Heb jij plannen?
Me too! Seriously not normal. Do you have plans?

Maarten: Ja, rustige plannen. En jij?
Yes, quiet plans. And you?

Lisa: Oh, ik heb een hele lijst! Ik heb veel te doen.
Oh, I have a whole list! I have a lot to do.

Maarten: Dat verbaast me niet.
That doesn't surprise me.

Lisa: Op zaterdag wil ik eerst sporten. Daarna ga ik me douchen.
On Saturday I first want to exercise. Afterwards I'm going to shower.

Maarten: Ja, dat is een goed begin.
Yes, that's a good start.

Lisa: Dan moet ik het huis schoonmaken. Alles is een beetje vies.
Then I have to clean the house. Everything is a bit dirty.

Maarten: Schoonmaken in het weekend? Ik doe dat op vrijdagavond.
Cleaning on the weekend? I do that on Friday evening.

Lisa: Oh wacht, dat is slim! Maar ja, ik doe het zaterdag.
Oh wait, that's smart! But yeah, I'll do it Saturday.

Lisa: En 's middags doe ik de boodschappen.
And in the afternoon I'll do the groceries.

Maarten: Ga je naar de supermarkt?
Are you going to the supermarket?

Lisa: Nee, ik ga naar de markt in Utrecht. Dat is gezellig.
No, I'm going to the market in Utrecht. That's nice.

Maarten: Ja, de markt is leuk. Ik koop daar vaak kaas en brood.
Yes, the market is fun. I often buy cheese and bread there.

Lisa: Precies! En zaterdagavond ga ik uit. Ik ga mijn vrienden zien.
Exactly! And Saturday evening I'm going out. I'm going to see my friends.

Maarten: Klinkt als een druk weekend.
Sounds like a busy weekend.

Lisa: Ja, een beetje. Wat doe jij dan?
Yes, a bit. What are you doing then?

Maarten: Ik ga lekker wandelen in het bos. Ik ontspan me graag.
I'm going for a nice walk in the forest. I like to relax.

Lisa: Alleen?
Alone?

Maarten: Ja, soms. Of met een vriend. Ik geniet van de rust.
Yes, sometimes. Or with a friend. I enjoy the peace and quiet.

Lisa: Wauw. Jij hebt een goede balans. Tussen werk en vrije tijd.
Wow. You have a good balance. Between work and free time.

Maarten: Nou ja, ik probeer het. Werk is belangrijk. Maar vrije tijd ook.
Well, I try. Work is important. But free time is too.

Lisa: Dat is waar. Zondag doe ik ook niks. Dan rust ik uit.
That's true. On Sunday, I also do nothing. Then I rest.

Maarten: Kijk, dat is een goed plan.
See, that's a good plan.

Lisa: Dan verveel ik me misschien een beetje.
Then I might get a little bored.

Maarten: Nee joh. Je kan een boek lezen. Of een film kijken.
No way. You can read a book. Or watch a movie.

Lisa: Oh ja, goed idee. Een film kijken is leuk.
Oh yes, good idea. Watching a movie is fun.

Maarten: Wat ga je koken dit weekend?
What are you going to cook this weekend?

Lisa: Hmm, goede vraag. Zaterdagavond eet ik met vrienden.
Hmm, good question. Saturday evening I'm eating with friends.

Maarten: Gaan jullie naar een restaurant?
Are you going to a restaurant?

Lisa: Ja, een nieuw Italiaans restaurant. Ik heb er zin in.
Yes, a new Italian restaurant. I'm looking forward to it.

Maarten: Lekker. Ik maak zondag soep. Met groente van de markt.
Nice. On Sunday I'm making soup. With vegetables from the market.

Lisa: Oh, dat klinkt ook goed. Zelfgemaakte soep is het best.
Oh, that sounds good too. Homemade soup is the best.

Maarten: Ja precies. En het is makkelijk.
Yes, exactly. And it's easy.

Lisa: Maar het belangrijkste op zaterdagochtend is: uitslapen!
But the most important thing on Saturday morning is: sleeping in!

Maarten: Haha, ja. Uitslapen is heerlijk. Dat is echt weekend.
Haha, yes. Sleeping in is wonderful. That's truly weekend.

Lisa: Precies. Dat is mijn favoriete deel van mijn vrije tijd.
Exactly. That's my favorite part of my free time.

Maarten: Vrije tijd is zo belangrijk. Je moet er echt van genieten.
Free time is so important. You really have to enjoy it.

Lisa: Ja, genieten. Dat is een goed woord. Ik ga dit weekend extra genieten.
Yes, enjoying. That's a good word. I'm going to enjoy this weekend even more.

Maarten: Heel goed. Dat is het doel van het weekend.
Very good. That is the goal of the weekend.

Maarten: Dus, jouw weekend is sporten, schoonmaken, de markt en vrienden zien.
So, your weekend is exercising, cleaning, the market, and seeing friends.

Lisa: Ja! En uitslapen. En jouw weekend is wandelen en soep maken.
Yes! And sleeping in. And your weekend is walking and making soup.

Maarten: En genieten van de rust. Dat is mijn plan.
And enjoying the peace and quiet. That is my plan.

Lisa: Lekker belangrijk, die rust. Grapje!
So important, that peace and quiet. Just kidding!

Lisa: Nou, ik ga beginnen met mijn weekend. Veel plezier!
Well, I'm going to start my weekend. Have fun!

Maarten: Jij ook, Lisa. Tot de volgende keer.
You too, Lisa. Until next time.

Lisa: Doei!
Bye!

Transcript

Lisa: Hoi Maarten! Klaar voor het weekend? Lisa: Hi Maarten! Ready for the weekend? Maarten: Hoi Lisa. Zeker. Ik ben moe. Maarten: Hi Lisa. Definitely. I'm tired. Lisa: Ik ook! Echt niet normaal. Heb jij plannen? Lisa: Me too! Seriously not normal. Do you have plans? Maarten: Ja, rustige plannen. En jij? Maarten: Yes, quiet plans. And you? Lisa: Oh, ik heb een hele lijst! Ik heb veel te doen. Lisa: Oh, I have a whole list! I have a lot to do. Maarten: Dat verbaast me niet. Maarten: That doesn't surprise me. Lisa: Op zaterdag wil ik eerst sporten. Daarna ga ik me douchen. Lisa: On Saturday I first want to exercise. Afterwards I'm going to shower. Maarten: Ja, dat is een goed begin. Maarten: Yes, that's a good start. Lisa: Dan moet ik het huis schoonmaken. Alles is een beetje vies. Lisa: Then I have to clean the house. Everything is a bit dirty. Maarten: Schoonmaken in het weekend? Ik doe dat op vrijdagavond. Maarten: Cleaning on the weekend? I do that on Friday evening. Lisa: Oh wacht, dat is slim! Maar ja, ik doe het zaterdag. Lisa: Oh wait, that's smart! But yeah, I'll do it Saturday. Lisa: En 's middags doe ik de boodschappen. Lisa: And in the afternoon I'll do the groceries. Maarten: Ga je naar de supermarkt? Maarten: Are you going to the supermarket? Lisa: Nee, ik ga naar de markt in Utrecht. Dat is gezellig. Lisa: No, I'm going to the market in Utrecht. That's nice. Maarten: Ja, de markt is leuk. Ik koop daar vaak kaas en brood. Maarten: Yes, the market is fun. I often buy cheese and bread there. Lisa: Precies! En zaterdagavond ga ik uit. Ik ga mijn vrienden zien. Lisa: Exactly! And Saturday evening I'm going out. I'm going to see my friends. Maarten: Klinkt als een druk weekend. Maarten: Sounds like a busy weekend. Lisa: Ja, een beetje. Wat doe jij dan? Lisa: Yes, a bit. What are you doing then? Maarten: Ik ga lekker wandelen in het bos. Ik ontspan me graag. Maarten: I'm going for a nice walk in the forest. I like to relax. Lisa: Alleen? Lisa: Alone? Maarten: Ja, soms. Of met een vriend. Ik geniet van de rust. Yes, sometimes. Or with a friend. I enjoy the peace and quiet. Lisa: Wauw. Jij hebt een goede balans. Tussen werk en vrije tijd. Wow. You have a good balance. Between work and free time. Maarten: Nou ja, ik probeer het. Werk is belangrijk. Maar vrije tijd ook. Well, I try. Work is important. But free time is too. Lisa: Dat is waar. Zondag doe ik ook niks. Dan rust ik uit. That's true. On Sunday, I also do nothing. Then I rest. Maarten: Kijk, dat is een goed plan. See, that's a good plan. Lisa: Dan verveel ik me misschien een beetje. Then I might get a little bored. Maarten: Nee joh. Je kan een boek lezen. Of een film kijken. No way. You can read a book. Or watch a movie. Lisa: Oh ja, goed idee. Een film kijken is leuk. Oh yes, good idea. Watching a movie is fun. Maarten: Wat ga je koken dit weekend? What are you going to cook this weekend? Lisa: Hmm, goede vraag. Zaterdagavond eet ik met vrienden. Hmm, good question. Saturday evening I'm eating with friends. Maarten: Gaan jullie naar een restaurant? Are you going to a restaurant? Lisa: Ja, een nieuw Italiaans restaurant. Ik heb er zin in. Yes, a new Italian restaurant. I'm looking forward to it. Maarten: Lekker. Ik maak zondag soep. Met groente van de markt. Nice. On Sunday I'm making soup. With vegetables from the market. Lisa: Oh, dat klinkt ook goed. Zelfgemaakte soep is het best. Oh, that sounds good too. Homemade soup is the best. Maarten: Ja precies. En het is makkelijk. Yes, exactly. And it's easy. Lisa: Maar het belangrijkste op zaterdagochtend is: uitslapen! But the most important thing on Saturday morning is: sleeping in! Maarten: Haha, ja. Uitslapen is heerlijk. Dat is echt weekend. Haha, yes. Sleeping in is wonderful. That's truly weekend. Lisa: Precies. Dat is mijn favoriete deel van mijn vrije tijd. Exactly. That's my favorite part of my free time. Maarten: Vrije tijd is zo belangrijk. Je moet er echt van genieten. Free time is so important. You really have to enjoy it. Lisa: Ja, genieten. Dat is een goed woord. Ik ga dit weekend extra genieten. Yes, enjoying. That's a good word. I'm going to enjoy this weekend even more. Maarten: Heel goed. Dat is het doel van het weekend. Very good. That is the goal of the weekend. Maarten: Dus, jouw weekend is sporten, schoonmaken, de markt en vrienden zien. So, your weekend is exercising, cleaning, the market, and seeing friends. Lisa: Ja! En uitslapen. En jouw weekend is wandelen en soep maken. Yes! And sleeping in. And your weekend is walking and making soup. Maarten: En genieten van de rust. Dat is mijn plan. And enjoying the peace and quiet. That is my plan. Lisa: Lekker belangrijk, die rust. Grapje! So important, that peace and quiet. Just kidding! Lisa: Nou, ik ga beginnen met mijn weekend. Veel plezier! Well, I'm going to start my weekend. Have fun! Maarten: Jij ook, Lisa. Tot de volgende keer. You too, Lisa. Until next time. Lisa: Doei! Bye!
Transcript source: Provided by creator in RSS feed: download file
For the best experience, listen in Metacast app for iOS or Android