¶ Intro
Welcome by Dutch Fluency.
Het is maandagochtend in Breda. Mina opent haar kaaswinkel aan het kleine plein.
¶ Episode
De lucht ruikt naar brood, bloemen en oude kaas. Buiten rinkelt een fietsbel bij de kraam van Joop. Joop verkoopt tulpen, maar hij praat vooral graag. Mina zet de radio laag. Ze snijdt kaas voor de eerste klant. De radio praat over een land ver weg. Soldaten staan bij een oude toren op een hoge heuvel. Ze hebben de plek nu in handen. Een weg en een rivier liggen dicht bij die plek.
Daarom is de toren belangrijk. Een leider zegt: we staan nu heel sterk. Mina legt haar mes neer. Ze kijkt naar de ronde kazen op de plank. Sterk zijn, denkt ze, kan ook stil zijn. Je hoeft niet altijd hard te praten. Dan komt Bente binnen met haar vader Sam. Nok, Bente is zeven jaar en draagt een gele jas. Ze wijst naar de hoge stapelkaar.
Is dat ook een toren, juf Mina? Mina lacht. Ja, maar deze toren ruikt beter. Sam lacht ook en wil jonge kaas. Hij koopt ook broodjes voor een reis naar Maastricht. We gaan met de trein, zegt hij. Bente wil de bruggen tellen. Bente zegt, ik tel alleen tot tien. Joop roept bij de deur. Dan zijn elf bruggen te veel. Veel klanten lachen. De winkel voelt meteen warm.
Even later komt Amir binnen. Hij werkt bij het station. Zijn jas is nat door de regen. Hij hoort de stem op de radio. Gaat het weer over die toren? zegt hij. Mina geeft hem een stukje ka. Een leider zegt dat zijn land nu sterk staat. Amir koud en denkt even na: Mijn oma zegt iets anders, zegt hij. Een tafel is sterk met vier poten. Met één poot valt hij snel. Mina vindt dat mooi. Ze schrijft de zin op een bonnetje. Ze plakt het bij de kassa. Daar staat nu: Vier poten maken een tafel ster.
Bente leest langzaam me. Even tussendoor. Bedankt voor het luisteren. Reageer onder deze aflevering of stuur me een DM op Instagram. Dan stuur ik je een speciale kortingscode voor de interactieve versie van deze aflevering. Veel plezier verder met het verhaal. Hey, kaas heeft geen poten, zegt ze. Dus kaas is niet sterk. Mina doet alsof ze schrikt. Oei, dan moet ik alle kaas gaan helpen. Ze zet vier kleine blokjes onder een grote kaas. De kaas ligt nu als een koning op blokjes.
Bente klapt in haar handen. Cem maakt een foto met zijn kleine camera. Joop roept: deze kaas wil baas worden. Zelfs Amir moet lachen. Na de middag wordt het rustig, de regen stopt en het plein wordt licht. Mina brengt afval naar de bak achter de winkel. Ze hoort duiven en een bus in de straat. De lucht ruikt nu naar natte stenen.
Bij de deur ziet ze een oude man. Hij kijkt naar de naam van de winkel. Heeft u kaas voor in de trein? zegt hij. Ik bezoek mijn zus in Tilburg. Mina kiest een klein stuk. Deze is mild en makkelijk te eten. De man betaalt met munten. De munten klinken vrolijk in de lade. Hij leest het bonnetje bij de kassa. Vier poten een tafel sterk, zegt hij langzaam. Hij lacht met kleine ogen. Dat geldt ook voor mensen, alleen staan is soms zwaar. Mina pakt een extra stukje kaas.
Voor uw zus, zegt ze. Dan heeft de tafel vijf poten. De man lacht hard. Dan valt hij zeker niet om. Aan het einde van de dag sluit Mina de deur. Ze telt de kaze en maakt de toonbank schoon. De radio is uit. Toch denkt ze nog aan de toren. Ze denkt aan wegen, water en mensen met macht. Ze denkt ook aan Bente en haar kaastoren. Een sterke plek kan veel mensen bang maken. Een sterke tafel nodigt mensen juist uit. Mina vindt dat een fijne gedacht.
Ze zet het laatste licht uit. Buiten ruikt de avond naar regen en friet. Joop sluit zijn bloemen kraam. Morgen weer kaas met poten, roept hij. Zeker, zegt Mina, maar alleen als ze niet weglopen. Ze loopt naar huis met warme handen. Ze voelt zich klein, maar niet alleen. Tot de volgende keer.
Bedankt voor het luisteren naar Dutch Fluency.
¶ Outro & sign-off
Op dutchfluency.com vind je de transcript en oefeningen. Spreek Nederlands, zelfs als je stottert. Tot de volgende keer.
